Financiering
Inleiding
Hier leest u meer over de financiering van de gemeente Nissewaard. Het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) bepaalt dat gemeenten jaarlijks een paragraaf financiering opnemen in zowel de begroting als de jaarrekening. De kaders voor het beleid van de gemeente Nissewaard ten aanzien van de treasuryfunctie zijn vastgelegd in de Nota Treasurybeleid Nissewaard en nader uitgewerkt in de beleidsregels Regeling Treasury Nissewaard. Hierbij is de Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet Fido) van toepassing. Deze wet schept een bindend kader voor een verantwoorde en professionele inrichting van de treasuryfunctie. De wet Fido heeft als belangrijkste uitgangspunten het bevorderen van een solide financieringswijze met als doel het voorkomen van grote fluctuaties in de rentelasten, het bevorderen van transparantie en de kredietwaardigheid, alsmede het beheersen van renterisico’s. De paragraaf in de begroting geeft voor het komende jaar en het meerjarig perspectief een weergave van de beleidsvoornemens en de uitwerking van de Nota Treasurybeleid Nissewaard. In de financieringsparagraaf van het jaarverslag komen de resultaten van de uitvoering, alsmede de verantwoording daarover tot uitdrukking. De paragraaf beschrijft ook de economische ontwikkelingen in de wereld en het eurogebied en gaat in op de ontwikkelingen op de financiële markten. Deze ontwikkelingen hebben invloed op de financieringsfunctie.
Terugblik
De Nederlandse economie groeide in 2024 met 1,0 procent. Dat is meer dan in 2023, toen de economie nauwelijks groeide. De groei was hetzelfde als in de Europese Unie. In het eerste kwartaal van 2024 daalde het bruto binnenlands product, om daarna drie kwartalen op rij te groeien. Net als in 2023 droeg de consumptie door de overheid het meest bij aan de groei.
De arbeidsmarkt bleef ook in 2024 krap. De cao-lonen stegen in 2024 met 6,6 procent. Dat was de hoogste loonstijging in ruim veertig jaar. De inflatie was met 3,3 procent weliswaar lager dan in 2023, maar nam in de tweede helft van 2024 weer toe tot 4,1 procent in december. De werkloosheid bedroeg 3,7% van de beroepsbevolking (2023 was dit 3,6%).
Het landelijk verwachte EMU-saldo voor 2025 bedraagt -/- 2,8% van het BBP. Dit is een verslechtering van 1,7% ten opzichte van 2024. De overheidsschuld in verhouding tot het bbp komt in 2025 naar verwachting uit op 46,6%.
De laatste maanden zie we een voorzichtige en lichte daling van de rentepercentages op de geld- en kapitaalmarkt
Financiering
De investeringen en uitgaven van de gemeente worden gefinancierd door het aantrekken van langlopende vaste geldleningen. In overeenstemming met de geldende theorie dat een overheid door een financiering in de behoefte van de inwoners kan voorzien, terwijl door de rentelasten de kosten van het gebruik ook door de huidige gebruikers wordt gedragen. Dit principe is door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten beschreven in de handreiking Houdbare Gemeentefinanciën.
De financieringsmogelijkheid is wettelijk beperkt om de kredietwaardigheid en betrouwbaarheid van overheid als crediteur te waarborgen.
De belangrijkste criteria hierbij zijn de kasgeldlimiet voor de verhouding tussen korte en langlopende leningen en de rente risiconorm om de aflossingsverplichting niet te concentreren in een boekjaar.
In het algemeen kan worden gesteld dat bij financiering van eigen behoefte er een zekere keuzevrijheid voor de gemeente is. In het geval van eigen financiering worden de volgende criteria gehanteerd:
- de financiering is flexibel;
- de financiering moet tegen de laagste kosten geschieden;
- de risico’s verbonden aan de financiering moeten beheersbaar zijn en passen binnen de Wet Fido;
- er wordt rekening gehouden met de kasgeldlimiet en de renterisiconorm;
De financieringspositie van de gemeente wordt in belangrijke mate bepaald door de grondexploitatie en het investeringsvolume.
De opgenomen leningenportefeuille bedraagt per 31 december 2024 € 209,2 mln (verwachting was 199,2 mln). De omvang van de uitgezette leningenportefeuille bedraagt per 31 december 2024 € 28,6 mln (verwachting was 29,2 mln).
Kasgeld
Het kasgeldbeheer vindt gecentraliseerd binnen de gemeente plaats. Overtollige middelen kunnen aan toegestane marktpartijen, zoals vermeld in de vastgestelde toelichting op het treasurystatuut en de regeling treasury worden uitgezet. Het aantrekken van kortlopende middelen zal overigens qua omvang steeds moeten plaatsvinden binnen het door de wet Fido vastgestelde plafond van de kasgeldlimiet. Aangezien de financieringsfunctie niet ten doel heeft als 'profit center' te fungeren is het doel het zo efficiënt mogelijk beheren van de inkomende en uitgaande geldstromen. De gehanteerde meerjarige liquiditeitsplanning wordt steeds verder verfijnd. In het kader van zo efficiënt mogelijk factureren en het verkrijgen van (snelle) betaling zal zoveel mogelijk met automatische incasso’s worden gewerkt. De gemeentelijke heffingen worden opgelegd met de mogelijkheid tot automatische incasso van de in rekening gebrachte termijnen. Het streven blijft daarbij een zo hoog mogelijke deelnemingsgraad te bereiken.
Overtollige middelen
In de Regeling uitzettingen en derivaten decentrale overheden en het treasurystatuut is opgenomen dat de gemeente onder strikt bepaalde voorwaarden overtollige middelen aan financiële instellingen met een minimale AA-rating in de Europese Economische Ruimte (EER) mag uitzetten. Door de intrede van het schatkistbankieren is dit beperkt. Overtollige middelen dienen thans aangehouden te worden in de schatkist door middel van een rekening-courantverhouding met de Staat der Nederlanden. Dit wordt meegenomen in de actualisatie van het Treasurystatuut.
Dividenden
De gemeente Nissewaard heeft een aantal deelnemingen of neemt deel in het kapitaal van diverse vennootschappen. Dit betreffen de volgende vennootschappen: BNG Bank, Stedin Holding N.V., B.V. Gemeenschappelijke Bezit Evides en N.V. Reinis. Van deze vennootschappen wordt jaarlijks dividend ontvangen. Voor het jaar 2024 en meerjarig baseren wij de dividendopbrengst op de meest actuele informatie die wij inwinnen bij o.a. aandeelhoudersvergaderingen.
Risicobeheer
Valuta en koersrisico's
De gemeente Nissewaard heeft geen posities in vreemde valuta en loopt hierdoor geen risico met vreemde valuta. De in bezit zijnde effecten zijn gewaardeerd tegen verkrijgingswaarde of lagere marktwaarde en geven nauwelijks risico’s.
Renterisico's
De wet Financiering decentrale overheden heeft aan het voorkomen van renterisico’s een wettelijk kader toegevoegd in de vorm van een kasgeldlimiet en een renterisiconorm. De kasgeldlimiet geeft het renterisico op de korte termijn weer. Hieronder vallen alle kortlopende financieringen met rentetypische looptijd korter dan één jaar. De belangrijkste vormen zijn daggeld- en kasgeldleningen en rekening-courantkrediet. De kasgeldlimiet is wettelijk vastgesteld op 8,5% van het begrotingstotaal.
Kredietrisico op verstrekte gelden
Het verstrekken van gelden geschiedt uit hoofde van de publieke taak en bij het afsluiten van de financieringsovereenkomst wordt ter beperking van het risico zekerheden gesteld. Bij de aanvang van het begrotingsjaar bedraagt de portefeuille van de verstrekte leningen € 28,6 mln. Ten behoeve van de verstrekte leningen aan de Stichting Vereniging gebouwen Hekelingen is een hypothecaire leningovereenkomst gesloten. Voor de overige verstrekte leningen zijn geen zekerheden gesteld. Het risico bij deze leningen is hoger.
Debiteurenrisico
Over het debiteurenrisico kan in grote lijnen een onderverdeling worden gemaakt naar gewone handelsdebiteuren, debiteuren gemeentegaranties, belastingdebiteuren en debiteuren sociale uitkeringen. Op elk gebied wordt er een actief invorderingsbeleid gevoerd zo nodig voorzien van een actief aanmaningsbeleid. Als volgende stap na het aanmanen worden vorderingen in handen gesteld van een extern deurwaarderskantoor en in het geval van sociale uitkeringen eventueel nog in handen van een sociaal rechercheur. Bij het voeren van een debiteurenadministratie en het bewaken van de tijdige invordering blijven risico's van oninbaarheid aanwezig. Om de hiermee samenhangende risico’s zo goed mogelijk af te dekken, zijn er voor alle situaties binnen de uitvoerende teams regels opgesteld en worden in voorkomend geval voorzieningen getroffen.
Risico's garanties en borgstellingen
De gemeente Nissewaard ondersteunt diverse organisaties binnen haar gemeente bij het financieren van hun investeringen, indien deze organisaties niet zelf bij een geldgever terecht kunnen of wanneer een geldgever extra zekerheid behoeft. In tegenstelling tot de daling van de verstrekte leningen bij corporaties nemen de borgstellingen toe. Dit geeft aan dat corporaties meer vreemd geld ter financiering hebben aangetrokken, waarvoor gemeenten borgstellingen hebben verstrekt. Voor de gemeente Nissewaard is dit een gunstige ontwikkeling. Het risico met betrekking tot de verstrekte lening van de corporaties neemt hierdoor af of verdwijnt zelfs. Als gevolg van de herfinanciering bij banken door de corporaties ontstaat een lager risico, omdat de waarborgfondsen een groot deel van het financieringsrisico gaan afdekken. De beschreven waarborgfondsen hebben een Triple A status en zijn solide instellingen, die voldoende waarborg bieden om de financiers te kunnen betalen, indien een corporatie niet aan zijn rente- en aflossingsverplichtingen kan voldoen. De gemeente Nissewaard loopt samen met het Rijk als achtervang een minimaal risico. De kans dat een gemeente als borg wordt aangesproken of dat de rente- en aflossingsverplichtingen niet worden voldaan blijft altijd aanwezig. Het risico wordt als gering beschouwd vanwege de achtervang functie en de gestelde zekerheden. Het volgende overzicht geeft aan voor welk bedrag de gemeente Nissewaard risico loopt op garanties en borgstellingen.
| Garanties in euro's (x 1.000) | Ultimo 2024 risico |
|---|---|
| Volkshuisvestingsgroep Woonbron Maasoevers | 32.799 |
| Woontrefpunt Maasdelta | 83.431 |
| Stichting Leeuw van Putten | 25.197 |
| Woningstichting De Zes Kernen | 15.689 |
| Woonzorg Nederland | 8.088 |
| Stichting Woonkompas | 2 |
| Stichting Careyn | 10.097 |
| Stichting Hef Wonen | 28 |
| Diverse rechtspersonen | 5.782 |
| Particuliere eigenaren Gemeente garantie oud | 173 |
| Totaal | 181.286 |
Kasgeldlimiet
De kasgeldlimiet wordt genoemd in de uitvoeringsregeling van de wet Fido (Financiering decentrale overheden). Deze limiet stelt een grens aan de korte financiering die gemeenten hanteren voor de financiering van lopende uitgaven om tijdelijke liquiditeitstekorten op te vangen.
Een gemeente mag slechts een beperkt deel van de begroting met kort geld financieren. Een langere vastlegging van de geleende middelen zorgt voor een beter voorspelbare rentelast.
De bovengrens is gesteld op een bedrag ter grootte van een percentage (8,5%) van het totaal van de jaarbegroting van de gemeente, met een minimum van € 300.000.
In het overzicht hieronder wordt de kasgeldlimiet in 2024 in beeld gebracht.
| Kasgeldlimiet | 1e kwartaal 2024 | 2e kwartaal 2024 | 3e kwartaal 2024 | 4e kwartaal 2024 | |
|---|---|---|---|---|---|
| Omvang begroting (stand primaire begroting) | € 371.188 | € 371.188 | € 371.188 | € 371.188 | |
| Grondslagpercentage | 8,50% | 8,50% | 8,50% | 8,50% | |
| 1 | Toegestane kasgeldlimiet | € 31.551 | € 31.551 | € 31.551 | € 31.551 |
| Opgenomen gelden < 1 jaar | € 3.333 | € 16.667 | € - | € - | |
| Schuld in rekening-courant | € 136 | € 6.963 | € 8 | € 67 | |
| Gestorte gelden door derden < 1 jaar | € - | € - | € - | € - | |
| Overige geldleningen niet zijnde vaste schuld | € - | € - | € - | € - | |
| 2 | Vlottende schuld | € 3.469 | € 23.630 | € 8 | € 67 |
| Contante gelden in kas | € 27 | € 30 | € 30 | € 28 | |
| Tegoeden in rekening-courant | € 10.451 | € 15.888 | € 21.943 | € 22.032 | |
| Overige uitstaande gelden < 1 jaar | |||||
| 3 | Vlottende middelen | € 10.478 | € 15.918 | € 21.973 | € 22.060 |
| 4 | Toets kasgeldlimiet | ||||
| Toegestane kasgeldlimiet | € 31.551 | € 31.551 | € 31.551 | € 31.551 | |
| Totaal netto vlottende schuld | € -7.008 | € 7.712 | € -21.965 | € -21.993 | |
| Ruimte (+)/Overschrijding (-) | € 38.559 | € 23.839 | € 53.516 | € 53.544 | |
Conclusie is dat we in alle kwartalen van 2024 hebben voldaan aan de wet.
De Wet Fido geeft aan dat de kasgeldlimiet niet mag worden overschreden. Indien een overschrijding voor het derde achtereenvolgende kwartaal geschiedt, dan dient de toezichthouder daarvan middels een rapportage op de hoogte te worden gebracht en dient een plan te worden overgelegd waarin is vermeld hoe de gemeente binnen de kasgeldlimiet blijft.
Renterisiconorm
Gemeenten lopen renterisico’s als de rente van de vaste schulden wordt aangepast als gevolg van herfinanciering. Het is van belang dat de leningenportefeuille met een zekere meerjarige spreiding van de herfinanciering is opgebouwd. Hierdoor wordt het renterisico beperkt en kunnen grote fluctuaties in de rentelasten worden vermeden. De renterisiconorm biedt het kader om renterisico’s binnen de leningenportefeuille te beperken. De norm is een bedrag ter grootte van een percentage (20%) van het totaal van de jaarbegroting van de gemeente, met een minimum van € 2.500.000.
Hieronder is een staat opgenomen, waarin de renteherzieningen en de aflossingen in beeld worden gebracht. De renterisiconorm wordt niet overschreden.
| 2024 | 2025 | 2026 | 2027 | ||
|---|---|---|---|---|---|
| 1a | Renteherziening op vaste schuld o/g | € 3.617 | |||
| 1b | Renteherziening op vaste schuld u/g | ||||
| 1 | Netto renteherziening op vaste schuld | € 3.617 | |||
| 2a | Te betalen aflossing | € 15.994 | € 16.994 | € 16.294 | € 16.294 |
| 2b | Te ontvangen aflossing | € 5.600 | € 2.385 | € 1.685 | € 1.686 |
| 2 | Netto aflossing | € 10.394 | € 14.609 | € 14.609 | € 14.608 |
| 3 | Renterisico | € 10.394 | € 18.226 | € 14.609 | € 14.608 |
| 4 | Renterisiconorm | € 75.821 | € 75.493 | € 73.870 | € 73.056 |
| Ruimte onder rente risiconorm | € 65.427 | € 57.267 | € 59.261 | € 58.448 | |
| Overschrijding rente risiconorm | |||||
| Berekening rente risiconorm | |||||
| Begrotingstotaal jaar T | € 379.105 | € 377.465 | € 369.350 | € 365.280 | |
| Percentage regeling | 20% | 20% | 20% | 20% | |
| 4 | Renterisiconorm | € 75.821 | € 75.493 | € 73.870 | € 73.056 |
Schatkistbankieren
Als gevolg van de Regeling schatkistbankieren decentrale overheden moeten gemeenten hun overtollige middelen dagelijks afstorten in de rekening courant die aangehouden wordt bij het Agentschap van de Generale Thesaurie van het ministerie van Financiën. Aanwending van de middelen is slechts toegestaan ten behoeve van de publieke taak. Ten behoeve van het afstorten geldt een drempelbedrag, waardoor het bankrekeningsaldo door de afroming niet op € 0 uitkomt. De drempel bedraagt 2 procent van het begrotingstotaal met een minimum van € 250.000. De drempel voor de gemeente Nissewaard bedraagt € 7.423.760.
Renteresultaat
In 2018 is de Nota rentebeleid Nissewaard vastgesteld door de gemeenteraad. In deze nota wordt onder andere beschreven hoe om te gaan met het renteresultaat. Dit resultaat wordt veroorzaakt doordat in de financieringsbehoefte tegen een hoger of lager rentepercentage wordt voorzien dan het rentepercentage dat aan de gemeentelijke activiteiten wordt toegerekend. Er wordt gestreefd naar een zo gering mogelijk renteresultaat. Dit is ook het uitgangspunt van de meest recente Notitie rente van de Commissie BBV (oktober 2023) dat de verslaggevingsregels voor gemeenten voorschrijft.
De aan de activa toegerekende rente bedraagt voor grondexploitaties in 2024 1,19% (2023: 1,02%) en voor overige activa 1,0% (2023: 1,0%).
In de jaarrekening wordt het resultaat verantwoord op basis van werkelijke uitgaven en inkomsten, rekening houdend met nog te betalen en nog te ontvangen rente.
(Bedragen x € 1.000)
| Renteschema 2024 | |||
|---|---|---|---|
| a | De externe rentelasten over korte en lange financiering | 3.708 | |
| b | De externe rentebaten | -/- | 1.445 |
| Saldo rentelasten en rentebaten | 2.264 | ||
| c1 | De rente die aan de grondexploitatie moet worden doorberekend | -/- | 287 |
| c2 | De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend | -/- | - |
| Aan taakvelden toe te rekenen externe rente | 1.906 | ||
| d1 | Rente over eigen vermogen | +/+ | - |
| d2 | Rente over voorzieningen (gewaardeerd op contante waarde) | +/+ | - |
| Totaal aan taakvelden toe te rekenen rente | 1.906 | ||
| e | De aan taakvelden toegerekende rente (renteomslag) | -/- | 3.087 |
| f | Renteresultaat op het taakveld Treasury | -/- 1.181 |