Spring naar inhoud

Toegankelijkheidsopties:

Weerstandsvermogen en risicobeheer

Inleiding

Deze paragraaf handelt over de hoogte van de algemene reserve en andere weerstandscapaciteit waarover de gemeente Nissewaard beschikt om calamiteiten en andere tegenvallers op te kunnen vangen. Dit (weerstand)vermogen is van belang voor het bepalen van de financiële gezondheid van de gemeente. Door de beschikking over voldoende weerstandsvermogen kan worden voorkomen dat elke financiële tegenvaller dwingt tot bezuinigingen. In januari 2019 is de nota 'Risicomanagement en weerstandsvermogen 2018’ vastgesteld. In deze nota is onder andere de methodiek vastgesteld waarmee het weerstandsvermogen wordt bepaald. Conform artikel 11 van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) worden in deze paragraaf de volgende onderwerpen behandeld:

  • Een inventarisatie van de risico's;
  • Een inventarisatie van de weerstandscapaciteit;
  • Het beleid omtrent de weerstandscapaciteit en de risico's.

De gemeente Nissewaard is zich bewust van alle risico’s, die samenhangen met de taken van de gemeente. Bij alle handelingen wordt nagedacht over mogelijke risico’s en worden maatregelen getroffen om de risico’s zoveel mogelijk te beperken.

Weerstandscapaciteit

De definitie van weerstandscapaciteit volgens het BBV is:

De middelen en mogelijkheden waarover de gemeente beschikt of kan beschikken om niet begrote kosten te dekken. Te denken valt hierbij aan: het vrij besteedbare deel van de algemene reserve, onbenutte belastingcapaciteit en stille reserves.

Onderscheid kan worden gemaakt in incidentele en structurele weerstandscapaciteit. Met het eerste wordt bedoeld het vermogen om eenmalige tegenvallers op te vangen. Deze capaciteit moet worden gezocht in de vermogenssfeer, meer specifiek: in de reserves. Met structurele weerstandscapaciteit worden die middelen bedoeld die permanent ingezet kunnen worden om tegenvallers in de lopende exploitatie op te vangen, zonder dat dit ten koste gaat van de uitvoering van bestaande taken. Dit moet worden gezocht in de exploitatiesfeer.

Het belangrijkste weerstandsvermogen voor de gemeente Nissewaard wordt gevormd door de algemene reserve. Deze is per 31 december 2024 € 62.292.000.

Om inzicht te verkrijgen in het weerstandsvermogen leggen we een relatie tussen de weerstandscapaciteit en de risico's.

Risicoparagraaf

Het is wenselijk om risico's die van invloed zijn op de bedrijfsvoering van de gemeente Nissewaard beheersbaar te maken. Door inzicht in de risico's wordt de gemeente in staat gesteld om op verantwoorde wijze besluiten te nemen, zodat de risico’s nu en de risico’s gerelateerd aan toekomstige ontwikkelingen in verhouding staan tot de vermogenspositie van Nissewaard.

Om inzicht in de risico’s van de gemeente te kunnen verkrijgen is een uitgebreide risico-inventarisatie uitgevoerd. Hier wordt verslag gedaan van de resultaten van de risico-inventarisatie. Op basis van de geïnventariseerde risico’s is tevens het weerstandsvermogen berekend.

Risico's

Om de risico’s van de gemeente Nissewaard in kaart te brengen, zijn in samenwerking met de eenheden de risico’s geïnventariseerd met behulp van de webapplicatie NARIS. Waar mogelijk zijn maatregelen genomen en benoemd om deze risico’s te mitigeren. Alleen de resterende netto-risico’s worden meegenomen in de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit. Risico’s waarvoor we verzekerd zijn, worden hierin niet opgenomen.

Uit de inventarisatie zijn in totaal 111 risico’s naar voren gekomen vanuit de eenheden. In onderstaand overzicht worden uitsluitend de vijfentwintig risico’s gepresenteerd die de grootste bijdrage leveren aan de berekening van de benodigde weerstandscapaciteit. Per onderwerp is gewerkt met een kanspercentage, waarmee per risico een indicatie wordt gegeven van de waarschijnlijkheid dat het betreffende risico zich op korte of lange termijn voordoet. Het vermelde bedrag is veelal gebaseerd op de totale kosten welke lager zullen uitvallen als slechts een deel van het risico zich daadwerkelijk voordoet.

Top 25 van risico's

Nr. Risico Kans Financieel gevolg
1. Vanwege netcongestie moeten noodstroomvoorzieningen worden aangelegd bij maatschappelijke voorzieningen waaronder scholen, zowel bij het primair onderwijs als het voortgezet onderwijs. Dit doet zich onder andere al voor bij het IKC de Elementen en de Heijwegenlaan. 50% max.€ 4.000.000
2. Een groot deel van de kapitaalgoederen in de buitenruimte naderen het einde van hun levensduur. Met name in de jaren 70 en 80 is het areaal van kapitaalgoederen in korte tijd enorm uitgebreid. Deze zijn nu aan vervanging toe. Er nadert een boeggolf aan grootschalig onderhoud en een vervangingsopgave van dit kapitaalgoed. Gecombineerd met het begrotingsravijn, de krapte op de arbeidsmarkt en het tempo waarin deze opgave op ons afkomt kan een deel van het areaal in een correctieve faalmodus terecht komen. Zo'n neerwaartse spiraal is lastig om te buigen. In het uiterste geval zullen kapitaalgoederen afgesloten of afgestoten worden om onveilige situaties, aansprakelijkheid en aanschrijvingen van bevoegd gezag te voorkomen. 50% max.€ 4.000.000
3. De indexatie van het gemeentefonds is onvoldoende om loon- en prijsstijgingen binnen de gemeentelijke begroting op te vangen. Hierdoor kan de gemeente de loon- en prijsstijgingen niet betalen uit de bestaande budgetten. 50% max.€ 4.000.000
4. Vanwege de onzekerheid over hoogte van de bouwkosten van onder andere de appartementencomplexen aan De Dijk, de stijgende rente en daardoor lastigere verhuur (door bijvoorbeeld beleggers) en de daarmee samenhangende residuele grondwaardemethodiek bestaat er het risico dat de geraamde grondopbrengsten niet gehaald worden. 50% max.€ 4.000.000
5. Als gevolg van de aangekondigde controle door de belastingdienst m.b.t. 2023 bestaat de kans dat er een fout in de steekproef wordt ontdekt. Deze fout wordt geëxtrapoleerd, zodat de impact van de fout veel groter kan zijn dan de werkelijke gevonden fout. Naast controles door de belastingdienst kunnen interne controles, waaronder het jaarlijks herijken van het forfaitaire percentage, leiden tot correcties. 70% max.€ 2.000.000
6. De begroting/meerjarenraming (baten en lasten) Sociaal Domein is onzeker. Door de gemeentelijke zorgplicht en open-eind financieringen zijn de lasten van jeugdhulp, participatiewet uitkeringen en Wmo-ondersteuning lastig te voorspellen. En door het rijksbeleid en de dynamische rijksfinanciën is de meerjarenraming van de middelen vanuit het Rijk onzeker. 50% max.€ 2.500.000
7. In het Sociaal Domein zijn in de begroting 2025 bezuinigingstaakstellingen ingeboekt. Voor deze taakstellingen wordt onderzocht hoe deze in te vullen. Voor een deel van deze taakstellingen is nog onzeker of deze (tijdig) kunnen worden behaald. 50% max.€ 2.500.000
8. Algemene Uitkering gemeentefonds wijkt af van de begroting. Deze afwijking kan zowel positief als negatief zijn. De factoren die een belangrijke rol hierin spelen zijn onder andere de onzekerheden van het rijksbeleid, de herijking van het gemeentefonds en de evaluatie van de normeringssystematiek. 80% max.€ 2.500.000
9. De uitvoering van de Hervormingsagenda jeugd is ingezet, echter de financiële consequenties, opgelegd door het Rijk, zijn per maatregel en op het geheel nog niet duidelijk. Tevens is de gemeente voor enkele maatregelen (zoals aanpassing van reikwijdte van de Jeugdwet) afhankelijk van rijksbeleid. Recent heeft het Rijk in zijn Voorjaarsnota 2025 aangekondigd dat gemeenten een compensatie voor jeugdzorgkosten ontvangen. Gemeenten worden in deze structureel vanaf 2025 gecompenseerd vanuit het advies van de deskundigencommissie (= Commissie van Ark). De commissie adviseerde om het tekort in het budget voor jeugdzorg in gelijke delen te verdelen over Rijk en gemeenten. Aanvullend is in de Voorjaarsnota opgenomen dat het ingroeipad van de maatregelen van de Hervormingsagenda wordt verzacht. De volledige besparing van de Hervormingsagenda wordt nu in 2028 gerealiseerd. Het Rijk kent hierom tijdelijk in 2026 en 2027 extra middelen toe. Eveneens blijkt uit de Voorjaarsnota dat het Rijk vanaf 2028 extra beheersmaatregelen/besparingen invoert waaronder een eigen bijdrage voor jeugdzorg en het indexeren van de besparingsopgave van de Hervormingsagenda (nu ingeboekt op prijs- en volumepeil 2019). 50% max.€ 2.000.000
10. Als gevolg van het in 2024 herijkte rapport van adviesbureau AEF en de ROB is een nieuwe vertaling gemaakt voor de gemeentelijke lasten voor de uitvoering van het klimaatakkoord. Hierbij is gebleken dat de jaarlijkse uitvoeringskosten die gemeenten moeten maken voor klimaatbeleid bijna 40% hoger uitvallen dan in 2021 gedacht en vanaf 2025 richting 2030 steeds verder op zullen lopen. Het risico bestaat dat de gemeente de wettelijke uitvoering van het klimaatakkoord niet kan realiseren door het gebrek aan adequate financiering vanuit het rijk. Daarnaast heeft de gemeente taken vanuit het Deltaprogramma/Deltaplan Klimaatadaptatie opgedragen gekregen, terwijl niet is voorzien in de investeringskosten, personele capaciteit of uitvoeringslasten. 50% max.€ 1.000.000
11. Als door marktontwikkelingen (veroorzaakt door economische omstandigheden en gerelateerde inflatie) de rentes op de geldmarkt gaan stijgen kan de rente op de grondexploitaties, projecten en overige investeringen toe gaan nemen. Dit heeft dan ook een nadelig gevolg op de gemeentelijke begroting. 15% max.€ 6.600.000
12. Als gevolg van de prijsstijgingen van materialen en personeelskosten door de sprong in economische groei kunnen de bouwkosten voor de gemeentelijke investeringen hoger uitvallen dan begroot en bestaat het risico dat dekking uit de gemeentelijke inkomsten onvoldoende is om de prijsstijgingen te dekken. 15% max.€ 5.500.000
13. Er is krapte op de arbeidsmarkt voor jeugdhulp en Wmo bij onze externe partners. Hierdoor ontstaan wachtlijsten en ontvangen jeugdigen langer overbruggingszorg en wordt er minder gericht zorg verleend, terwijl er wel kosten worden gemaakt. Dit geldt eveneens voor de mensen die Wmo-ondersteuning. 50% max.€ 1.500.000
14. In 2023 is het Integraal Huisvestingplan (IHP) voor het primair onderwijs 2023-2042 vastgesteld door de Raad. Hierin is een programmering van gebouwmaatregelen vastgelegd voor de periode t/m 2042. Voor de maatregelen die gepland staan in de tweede raadstermijn (2027-2031) is geen financiële dekking beschikbaar. 50% max.€ 1.000.000
15. Als gevolg van het te laat of onjuist publiceren van verordeningen en besluiten bestaat de kans dat bezwaren worden ingediend, waardoor vertraging optreedt of claims worden ingediend. 70% max.€ 1.000.000
16. Reële tarieven: De wettelijke verplichting om reële tarieven aan zorgaanbieders te bieden voor maatwerkvoorzieningen in de Wmo en de Jeugdwet blijft een punt van aandacht en kan leiden tot toekomstige lastenstijgingen. 50% max.€ 1.000.000
17. Onvoldoende ambtelijke capaciteit binnen de organisatie door krapte op de arbeidsmarkt, waardoor vertraging en kwaliteitsverlies in reguliere werkzaamheden en projecten ontstaat. 50% max.€ 1.000.000
18. Mislopen opbrengsten door onvoldoende capaciteit voor projecten/initiatieven. Gelet op de deadline volgend uit de Omgevingswet is het mogelijk dat er geen medewerking meer gegeven kan worden aan initiatieven en projecten, zowel intern als van initiatiefnemers. Daardoor kan de gemeente zowel leges als de opbrengst van anterieure overeenkomsten alsmede GREX mislopen en ook opbrengsten in de OZB omdat initiatieven later gerealiseerd worden. 10% max.€ 4.000.000
19. Ombouw gesloten jeugdhulp naar kleinschalige open woonvoorzieningen: De door de rijksoverheid opgelegde afbouw van gesloten jeugdhulp verloopt sneller dan verwacht. De gesloten jeugdhulp dient hierbij omgebouwd te worden naar kleinschalige open woonvoorzieningen. De opbouw van kleinschalige woonvoorzieningen verloopt echter trager dan de afbouw van gesloten jeugdhulp. Hierdoor verblijven jeugdigen met zeer zware problematiek in open settingen met zeer intensieve begeleiding. Per saldo geeft dit meer kosten dan dat deze jeugdigen in de gesloten jeugdhulp zouden zijn opgenomen. 70% max.€ 400.000
20. Nabetaling van jeugdlasten uit voorgaande jaren doordat voor deze geleverde jeugdzorg nog niet altijd een toewijzing is verleend, worden de lasten die hiermee samenhangen verlaat inzichtelijk. 70% max.€ 400.000
21. Schade of extra beheerkosten door weersinvloeden. 50% max.€ 400.000
22. Afhankelijkheid vaststellen begroting door gemeenschappelijke regeling Recreatieschap Voorne-Putten. 50% max.€ 400.000
23. Ondanks dalend ziekteverzuim, blijft de noodzaak tot personeelsvervanging, hetgeen resulteert in extra kosten voor externe inhuur. 50% max.€ 400.000
24. Als gevolg van onvoldoende stijgende woningprijzen en hogere beheerskosten bestaat de kans dat het ingelegde kapitaal in B.V. Elementen Spijkenisse niet meer helemaal terugbetaald kan worden. 10% max.€ 2.000.000
25. Bij het bepalen en uitvoeren van het gemeentelijk beleid kan het zijn dat er sprake is van belangentegenstellingen. Dit kan soms leiden tot juridische procedures. Naast het risico van juridische kosten brengt dit ook het risico van schadeclaims met zich mee. PM% Max. € PM

Totaal van alle risico's

Totaal grote risico's: € 66.400.000
Overige risico's: € 25.565.000
Totaal alle risico's: € 91.965.000

Op basis van de ingevoerde risico's is een risicosimulatie uitgevoerd. De risicosimulatie wordt toegepast omdat het reserveren van het maximale bedrag (€ 91.965.000) ongewenst is. De risico's zullen immers niet allemaal tegelijk en in hun maximale omvang optreden.

Benodigde weerstandscapaciteit

Op basis van de ingevoerde risico's is een risicosimulatie uitgevoerd. Onderstaande tabel toont de resultaten van de risicosimulatie.

Benodigde weerstandscapaciteit bij verschillende zekerheidspercentage

Percentage Bedrag
5% € 8.582.705
10% € 9.975.786
15% € 10.997.722
20% € 11.865.814
25% € 12.652.902
30% € 13.376.214
35% € 14.088.851
40% € 14.775.835
45% € 15.455.709
50% € 16.127.063
55% € 16.827.611
60% € 17.539.542
65% € 18.296.453
70% € 19.078.372
75% € 19.913.235
80% € 20.856.069
85% € 21.944.288
90% € 23.277.807
95% € 25.275.913

Uit de bijbehorende tabel volgt dat 90% zeker is dat alle risico's kunnen worden afgedekt met een bedrag van € 23.277.807 (benodigde weerstandscapaciteit).

Beschikbare weerstandscapaciteit

De beschikbare weerstandscapaciteit van gemeente Nissewaard bestaat uit het geheel aan middelen dat de organisatie daadwerkelijk beschikbaar heeft om de risico's in financiële zin af te dekken. Het uitgangspunt is dat de risico's afgedekt worden met de algemene reserve. Een aantal bestemmingsreserves kunnen naar hun aard ook als algemene reserve worden beschouwd. Deze reserves zijn daarom meegenomen als “dekking”.

Beschikbare weerstandscapaciteit

Weerstand Capaciteit
Algemene reserve 62.292.000
Reserve Beheer 7.595.000
Reserve sociaal domein 11.375.000
Totale weerstandscapaciteit 81.262.000

Relatie benodigde en beschikbare weerstandscapaciteit

Om te bepalen of het weerstandsvermogen toereikend is, dient de relatie te worden gelegd tussen de financieel gekwantificeerde risico's en de daarbij gewenste weerstandscapaciteit en de beschikbare weerstandscapaciteit. De relatie tussen beide componenten wordt in onderstaande figuur weergegeven.

Risico's: Weerstandscapaciteit:
   
Bedrijfsproces Algemene reserve
Financieel Reserve Beheer
Imago / politiek Reserve Sociaal Domein
Informatie / strategie  
Juridisch / Aansprakelijkheid  
Letsel / Veiligheid  
Materieel  
Milieu  
Personeel / Arbo  
Product  
   
  Weerstandsvermogen  

De benodigde weerstandscapaciteit die uit de risicosimulatie voortvloeit kan worden afgezet tegen de beschikbare weerstandscapaciteit. De uitkomst van die berekening vormt het weerstandsvermogen.

Ratio weerstandsvermogen = Beschikbare weerstandscapaciteit = € 81.262.000 = 3,49
Benodigde weerstandcapaciteit € 23.277.807

De normtabel is ontwikkeld in samenwerking met de Universiteit Twente. Het biedt een waardering van het berekende ratio.

Weerstandsnorm

Waarderingscijfer Ratio Betekenis
A >2.0 uitstekend
B 1.4-2.0 ruim voldoende
C 1.0-1.4 voldoende
D 0.8-1.0 matig
E 0.6-0.8 onvoldoende
F <0.6 ruim onvoldoende

De ratio van de gemeente Nissewaard valt in klasse uitstekend.

Kengetallen

Met ingang van 2015 is de gemeente verplicht om in de paragraaf weerstandsvermogen en risicobeheersing de 5 bij ministeriële regeling voorgeschreven kengetallen op te nemen. Hier vindt u een uitleg per kengetal. De kengetallen voor 2023 t/m 2024 ziet u daarna. 

Solvabiliteitsratio

Deze ratio geeft inzicht in de mate waarop de gemeente in staat is om aan haar financiële verplichtingen te voldoen. Dus een laag ratio betekent dat de gemeente relatief weinig eigen vermogen heeft en daarbij niet goed in staat is om aan haar financiële verplichtingen te voldoen. (Totaal eigen vermogen / Totaal van eigen - en vreemd vermogen) x 100%.

Netto schuldquote

Deze quote geeft inzicht in de schuldenlast; geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en aflossingen in de exploitatie die drukken op de eigen organisatie.
Deze quote is inclusief de geleende gelden die doorgeleend worden. ((Geleende gelden verminderd met de eigen middelen)/saldo van de baten) x 100%.

Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen

Deze quote geeft inzicht in de schuldenlast; geeft een indicatie van de druk van de rentelasten en aflossingen in de exploitatie die drukken op de eigen organisatie.
Deze quote is de netto schuldquote waarbij de geleende gelden die doorgeleend worden niet meegenomen worden. (Geleende gelden vermindert met de eigen middelen en de doorgeleende gelden)/saldo van de baten x 100%.

Grondexploitatie

Het kengetal drukt de boekwaarde van de grondpositie uit in een % van de totale baten. Een hoge grondexploitatie betekend een grote boekwaarde. Hierbij kan de gemeente risico lopen dat deze boekwaarde, bij verkoop gronden, niet volledig gerealiseerd worden. Aan de andere kant kan een hoge grondexploitatie betekenen dat bij verkoop de opbrengsten (incidenteel) gebruikt kunnen worden om de schuldenlast af te bouwen.
(Totaal niet in exploitatie genomen gronden + totaal bouwgronden in exploitatie) / saldo  van de baten x 100%.

Structurele exploitatieruimte

Dit kengetal geeft inzicht in de mate waarin de structurele baten toereikend zijn om de structurele lasten te dekken. Bij een negatief % zijn de structurele lasten groter dan de structurele baten. Daarbij is het risico is dat er tekorten in de begroting/jaarrekening ontstaan. ((structurele baten –structurele lasten) + (structurele onttrekkingen reserves –structurele toevoegingen reserves) / saldo van de baten) x 100%.

Belastingcapaciteit

Het kengetal geeft inzicht hoe de belastingdruk van de gemeente zich verhoudt t.o.v. het landelijk gemiddelde. Hierbij is de belastingcapaciteit van 100% precies gelijk aan het landelijk gemiddelde. Hierin zijn de OZB-lasten, rioolheffing, afvalstoffenheffing en de eventuele heffingskorting betrokken. Dit zijn de belangrijkste  inkomstenbronnen voor de gemeente. Een lage belastingcapaciteit geeft aan dat de gemeente nog ruimte heeft om structurele baten te genereren.
(OZB + rioolheffing + afvalstoffenheffing + heffingskorting voor een gezin) / woonlasten landelijk gemiddelde voor een gezin) x 100%.

Jaarstukken 2024: Verloop van de kengetallen

Verplichte ratio's Begroting 2023 Jaarstukken 2023 Begroting 2024 Jaarstukken 2024
Netto schuldquote 68,79% 43,07% 70,40% 48,68%
Netto schuldquote gecorigeerd 60,49% 48,68% 64,45% 20,64%
Solvabiliteitsratio 23,67% 31,88% 32,50% 29,41%
Structurele exploitatieruimte -0,98% 1,40% 0,01% -0,20%
Grondexploitatie 6,54% 949% 11,00% 2,40%
Belastingcapaciteit 96% 96% 96% 96%

Om de kengetallen in perspectief te kunnen plaatsen zijn de waarden van de kengetallen in te delen in 3 categorieën.  Deze categorieën sluiten aan bij de landelijk vastgestelde signaleringswaarden (2016). Categorie A is het minst risicovol, categorie C het meest.

Kengetallen Categorie A
Laag risico
Categorie B
Middel risico
Categorie C
Hoog risico
Netto schuldquote <90% 90 - 130% >130%
Netto schuldquote gecorrigeerd voor alle leningen <90% 90 - 130% >130%
Solvabiliteitsratio >50% 20 - 50% <20%
Structurele exploitatieruimte >0% 0% <0%
Grondexploitatie <20% 20 - 35% >35%
Belastingcapaciteit <95% 95 - 105% >105%

Bovenstaande kengetallen zijn in lijn met elkaar en de meeste bevinden zich niet meer in de meest risicovolle signalering gedurende de jaren 2021 t/m 2023 (commissie Depla), wat wijst op een sterk verbeterde financiële positie en een gezonde ontwikkeling. Het verloop van de kengetallen is de afgelopen jaren verbeterd.

De eerder berekende ratio weerstandsvermogen van 3,49 in combinatie met bovenstaande kengetallen geeft aan dat de gemeente zich inmiddels in een sterke situatie bevindt om risico’s zorgvuldig af te dekken en voldoende eigen vermogen heeft om tegenvallers op te vangen. De situatie is nu in balans. Het is echter wel van belang om de ontwikkeling hiervan goed te blijven volgen.

Berekening EMU-saldo

Bedragen x € 1.000,-

  Omschrijving Rekening 2023 Begroting 2024 Rekening 2024
1 Eploitatiesaldo vóór toevoeging aan c.q. onttrekking uit reserves (zie BBV, artikel 17c) 27.490 1.392 24.755
2 Mutatie (im)materiële vaste activa 27.490 81.102 17.932
3 Mutatie voorzieningen 15.096   -76
4 Mutatie voorraden (incl. bouwgronden in exploitatie) 2.250   -4.565
5 Verwachte boekwinst/verlies bij de verkoop van financiële vaste activa en (im)materiële vaste activa, alsmede de afwaardering van financiële vaste activa 1.099.748    
Berekend EMU-Saldo 11.745.718 -79.710.318 11.312.162